
Bart Pul
Werkvoorbereider, Geldersche Houtbouw
"Met een Hoeflon zorgen we dat het wél past"
In gesprek met Bart Pul, werkvoorbereider bij Geldersche houtbouw
Geldersche Houtbouw is een bedrijf dat in ruim vijftien jaar tijd uitgroeide van een kleine onderneming in kippenhokken en volières tot een toonaangevende bouwer van houten gebouwen, schuren, mantelzorgwoningen en complete huizen. We spraken werkvoorbereider Bart Pul over de ontwikkeling van het bedrijf en de inzet van Hoeflon-kranen.
Hoe het begon
“Geldersche Houtbouw is in 2008 ontstaan,” begint Bart. “Vroeger maakten we vooral kippenhokken en volières, en dat werd steeds groter. Goos Mulder begon hiermee samen met zijn zwager Jan van ’t Foort. De twee besloten hun bedrijf uit te breiden met de bouw van schuren.
Vanwege groot succes leidde de schurenbouw tot een verzelfstandiging, waardoor Geldersche Houtbouw ontstond onder leiding van Goos. Hij is met een team timmermannen verdergegaan met het bouwen van schuurtjes.” Dat ging snel: “In plaats van 300 hokjes werden het 300 schuurtjes per jaar. Alles deden we met de hand: sjouwen, tillen, en dat vaak bij mensen achter in de tuin.”
Hoe kwamen jullie bij Hoeflon terecht?
“We stonden op een bouwbeurs en zeiden tegen elkaar: als we onze schotten groter willen maken, kunnen we ze ook gaan hijsen. Toen hebben we onze eerste kraan gekocht, een Hoeflon C6, ergens in 2008 of 2009. We kochten hem samen met Rotac zodat we ’m ook konden verhuren, want we hadden er nog niet elke dag werk voor.”
Die verhuur bleek amper nodig. “We hebben ’m misschien vijf keer echt verhuurd. Ondertussen was hij elke dag onderweg voor onze eigen projecten. Die C6 hebben we zeker tien jaar gehad.”
Projecten werden steeds groter. “Toen we groeiden naar complete woningen werd de C6 te licht. Hij draaide vaak te zwaar en na tien jaar was hij natuurlijk ook wat ouder. Toen was de vraag: weer een C6 of overstappen naar de C10? De C6 hebben we dit jaar ingeruild voor de C10, die draait nu een half jaar mee.”

Waarom een Hoeflon?
“De Hoeflon hebben we vooral vanwege de krappe ruimtes,” legt Bart uit. “We komen op plekken waar een grotere kraan simpelweg niet kan komen. Dat is eigenlijk dagelijks het geval. De C10 is bovendien behoorlijk sterk, waardoor we onze elementen groter kunnen maken.”
Over de ervaringen is hij positief: “De C6 deed het altijd goed, nauwelijks gedoe mee gehad. Later huurden we nog weleens een C10e in. De jongens waren er heel blij mee. Dat is uiteindelijk de reden geweest om er zelf een aan te schaffen.”
Hoe wordt de kraan ingezet?
“We hebben altijd een team van twee man. Eén neemt de kar met wanden mee, de ander rijdt met de bus met de Hoeflon. Onze bouwprojecten duren vaak langer, dus meestal staat de kraan een week op dezelfde locatie. We gebruiken de kraan voor het plaatsen van elementen zoals schotten, daken en verdiepingen.”
Elektrisch werken
“Officieel moet je bij nieuwbouwprojecten altijd elektrisch draaien,” legt Bart uit. “Er wordt dan een stikstofprotocol opgesteld met die verplichting. Dat is gewoon de richting waarin de bouw beweegt.”
Daarnaast ervaart het team direct voordelen op de bouwplaats. “Voor de jongens is het ideaal. Toen we eerder een elektrische C10 inhuurden, waren ze meteen enthousiast: geen herrie aan je kop. Het werkt rustiger, schoner en fijner voor iedereen die eromheen staat.”
Als het krap is, wordt het leuk
“Als het krap is, wordt het leuk. Pas nog: we hebben een C30 op een boot gezet en zijn naar de overkant gevaren om op een eiland te bouwen. Daar stond een C10 klaar. De C30 hees alles op de kade, waarna we verder konden met bouwen.”
Ook huren ze geregeld extra machines in. “Het gebeurt regelmatig dat we naast onze eigen kraan nog een extra Hoeflon nodig hebben. Heel soms huren we een TC1 in, als er twee huizen strak naast elkaar staan. Dan zetten we daar een bok met wanden op om er tussendoor te rijden en de kraan volgt. Bij dat soort klussen past het eigenlijk nét niet en met een Hoeflon zorgen we dat het wél past.”

Samenwerking met Hoeflon
Over het contact met Hoeflon niets dan lof. “Als er iets is, bel ik en het wordt geregeld. We hebben eigenlijk nooit problemen met de kraan. Het contact gaat vooral over keuringen en heel af en toe moet er een nieuw onderdeeltje besteld worden.”
Hoe zie je de toekomst van Geldersche Houtbouw?
“We zijn een continu groeiend bedrijf. We begonnen met vijf of zes werknemers. Nu zijn we met 120 man. Onze slogan is ‘geeft ruimte’. Ruimte door de gebouwen die we neerzetten, maar ook ruimte voor onze mensen om te groeien. Door uitdaging te bieden aan werknemers groeit het bedrijf vanzelf mee.”
Qua aantallen blijft de productie stabiel. “We maken nog steeds 300 tot 400 gebouwen per jaar. Alleen zijn het geen kippenhokken meer, maar ook woningen, vakantieparken en andere grote projecten.”
Plannen voor uitbreiding?
“We zijn blij met Hoeflon. Voorlopig geen nieuwe kraan… maar dat kan volgend jaar zomaar anders zijn,” zegt Bart lachend.








